Mare Nummer 30     26 mei 2011

30

FOTO: Eric van den Bandt
Bomen, jagen, peddelen en weer languit

Het is zaterdagochtend, rond een uurtje of tien, als ruim tachtig studenten zich richting hun zeilboten begeven. Op de Kagerplassen vindt vandaag de Leidse Onderlinge plaats. Dit jaarlijks terugkerende fenomeen is een door de Blauwe Schuit georganiseerde wedstrijd waarin teams van vijf studenten een zeilboot van het type polyvalk bemannen in een poging om een prestigieuze podiumplaats te verkrijgen.

DOOR BENJAMIN SPRECHER Ewoud, de teamcaptain van onze boot, heeft hoge verwachtingen: ‘Vorig jaar zijn we laatste geworden, dus als we deze keer een omhoog gaan in de ranglijst hebben we wiskundig gezien een oneindig veel beter resultaat behaald.’

In onze boot bevinden zich naast Ewoud ook nog rechtenstudent Daniel, neurochirurg Omar, zijn Japans studerende broertje Aws en een flinke voorraad chips en bier.

Het eerste probleem dient zich al aan nog voor het afmeren. Hoe vaar je weg als er geen wind is? Gelukkig blijkt de definitie van ‘zeilwedstrijd’ voor de gelegenheid opgerekt. Aan boord vinden we twee roeispanen, een boom (een lange houten stok waarmee je de boot kan voortduwen) en een jaagtouw (om mee te jagen, waar iemand op de kant loopt en de boot meetrekt).

Na een half uurtje dobberen hebben we nog steeds geen idee waar de startlijn zich eigenlijk bevindt. Daniel maakt zich geen zorgen. ‘Jongens, kijk die zon dan!’ Vervolgens deelt hij bier uit. Maar dan steekt er plots een briesje op en gaat het signaal af dat we over een minuut starten. Ewoud doet een berekende gok en zet de boot koers richting een gele boei. Vijf minuten later zeilen we over de start, tot verbazing van iedereen ruim tien boten achter ons latend.

De wind valt weer weg, maar ons team heeft aan de overwinning geroken. Daniel en Omar pakken de peddels en houden er met veel moeite een klein beetje vaart in. Na een half uur doet de zon haar invloed gelden en ligt iedereen languit in de boot. De eerste zak chips is al verorberd.

Er is te weinig bier om schandalig dronken te worden, maar verder verloopt de wedstrijd erg gezellig. Er wordt een beetje gejaagd, een beetje geboomd, en soms ook een beetje gezeild. ’s Middags, rond een uurtje of vier, komt een motorboot van de Blauwe Schuit langs om ons de rest van de route te slepen. Officieel zijn we nu gediskwalificeerd, maar anders komen we überhaupt niet thuis.

Vlak voor de eindstreep gooit de sleepboot ons los. De boot achter ons heeft een flinke achterstand. We moeten slechts langs één stukje land om een-na-laatst te worden. Helaas: we lopen vast op de rotsen, en de wind blijkt net sterk genoeg om onze furieuze peddelpogingen teniet te doen. Een oud vrouwtje roept vanaf de kant wat we moeten doen: klaarblijkelijk zijn wij niet de eerste die op dit punt zijn vastgelopen. Schrale troost voor het feit dat onze tegenstander onder grote hilariteit wel de finishlijn haalt.

Bij aankomst aan wal blijkt dat ruim de helft van de boten niet op eigen kracht over de eindstreep is gekomen. Het mag de pret niet drukken: na een geslaagd diner – grote bakken chinees en consumptiebonnen voor bij de bar – begeven Daniel en Ewoud zich achter de draaitafel en sluit de Leidse Onderlinge af met een klassiek studentenfeestje.

Deel op Facebook

Tweet
Deel op Facebook