Wetenschappers in de minderheid

6 December 2012

Uit onderzoek van de universiteit blijkt dat het ondersteunend personeel vorig jaar gestegen is in aantal voltijdbanen, terwijl het wetenschappelijk personeel in totaal aantal voltijdbanen is gedaald.

Dat is een goede ontwikkeling, vindt Joost Augusteijn, fractievoorzitter van de Abvakabo-personeelspartij in de universiteitsraad.
Het was juist de bedoeling dat de balans meer richting het wetenschappelijk personeel zou doorslaan. Uit het onderzoek blijkt dat de personeelsomvang van de Universiteit Leiden in 2011 met 24,3 voltijdbanen is toegenomen ten opzichte van 2010. Die stijging komt voor het grootste gedeelte voor een toename van het ondersteunend personeel met 18,3 voltijdbanen. Bij het wetenschappelijk personeel is het aantal medewerkers toegenomen tot 1357.
Dit is overigens wel exclusief promovendi. Het totaal aan voltijdbanen bij de wetenschappers is echter gezakt van 1107 tot 1098.
‘Verder daalt het aantal medewerkers dat direct ondersteuning geeft aan onderwijs ten opzichte van ander ondersteunend personeel’, zei Augusteijn tijdens de universiteitsraad van vorige week maandag. ‘Een ongewenste ontwikkeling, lijkt mij.’ De partij wil graag uitleg van het college van bestuur over de cijfers.
Een ander opvallend punt is dat het ziekteverzuim aan de universiteit vorig jaar flink is gestegen. Het verzuim nam in 2011 toe naar 3,07 procent. Terwijl dat percentage sinds 2008 constant rond 2,6 procent lag. ‘Het verschil komt grotendeels door toename van de gemiddelde verzuimduur’, staat er in het stuk. ‘De verzuimfrequentie is gelijk gebleven.’ De toename is zowel bij wetenschappers als het ondersteunende personeel. VB

Deel dit bericht: