Tijd om te stemmen

Studenten en personeel kunnen weer van zich laten horen

Schot

Door Vincent Bongers

De universitaire verkiezingen zijn weer van start gegaan. Mare vroeg de lijsttrekkers van de vier studenten- en drie personeelspartijen naar hun plannen voor het komende collegejaar.

STUDENTENPARTIJEN

Marc Hogenhuis, lijsttrekker Lijst Vooruitstrevende Studenten (LVS), studeert bestuurskunde.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘De LVS staat voor de persoonlijke ontwikkeling van de student. De universiteit moet studenten de vrijheid geven om zich te ontwikkelen. Het gaat ons niet alleen om studenten die actief zijn in het verenigingsleven. Er zijn talloze opties naast de studie. De universiteit moet die mogelijkheden zoveel mogelijk faciliteren.’

Wat is voor jullie een prioriteit?
‘Om de ruimte aan studenten te bieden is het goed om colleges zo min mogelijk verplicht te maken. Zet colleges online zodat je niets hoeft te missen. Herkansen moet ook mogelijk blijven. Het afschaffen daarvan is schandalig. Ook het voorwaarden verbinden aan herkansingen is onzin. Er zijn meer studieadviseurs nodig, bij rechten hebben ze het bijvoorbeeld veel te druk. Maar ook de communicatie van studieadviseurs is vaak verschrikkelijk slecht. Studenten die graag iets willen, bijvoorbeeld naar het buitenland, botsen continu op een niet-meewerkende studieadviseur. ‘Verder vinden we dat het bestuur beter moet luisteren naar studenten want die hebben vaak heel erg goede ideeën. De universiteit is er voor de studenten. Iets wat heel snel te realiseren is een lijst op de website waarop wat de je extra-curriculair allemaal kunt doen. De informatie is nu verspreidt over opleidingen en faculteiten. Koppel dat. We proberen ook de fusie van Duits, Italiaans en Frans te voorkomen. Leiden staat juist in heel de wereld bekend om haar taalexpertise. Het zou zonde zijn als we dat opgeven.’

Worden studenten te hard aangepakt?
‘De eisen aan studenten worden steeds strenger. De universiteit moet daar iets tegenover zetten. Bijvoorbeeld door de UB langer open te houden. Beloon en stimuleer ook studenten die het goed doen met interessante stages en onderzoeksprojecten. Kom met een positieve prikkel in plaats van een repressieve maatregel. Het wordt met een bsa van 90 punten in twee jaar wel heel moeilijk om nog te besturen en dat is wel heel jammer.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘We zijn er in geslaagd om het falen van Usis op te vangen. De informatievoorziening en het inschrijven zijn echt verbeterd door onze inzet.’

Is de raad relevant?
‘Het is de ideale manier om de plannen van studenten aan het bestuur te communiceren. En ook om de plannen van besturen aan studenten in een vroegtijdig moment kenbaar te maken aan studenten. Dat gebeurt nu nog niet, dat moet verbeteren.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘We zien wel kansen. Grotere budgetten voor onderzoek bijvoorbeeld. Je moet alleen niet het typisch Leidse verliezen. Veel studies zij hier relatief kleinschalig en dat is belangrijk. Studenten zijn een persoon en geen nummer. Een fusie zorgt voor grootschalig onderwijs en dat is iets wat je juist niet wil.’

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘Het opleiden van een nieuwe generatie is het belangrijkste. De universiteit geeft vrij veel uit aan extern onderzoek. Projecten in het buitenland en dergelijke. Als je moet kiezen kan dat geld beter naar onderwijs.’

Pieter Krol, lijsttrekker Christelijke Studentenfractie Leiden (CSL), studeert psychologie.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘Het christelijke karakter uiteraard. Maar we zijn geen partij alleen voor christenen, dat zou onzinnig zijn. Maar onze overtuiging speelt wel een rol in de manier waarop we universitaire politiek bedrijven.
‘Voor ons is ethiek heel belangrijk. De CSL heeft er bijvoorbeeld voor gezorgd dat het antiplagiaat programma Ephorus wordt gebruikt in Leiden.
‘Juist nu staan ethiek en wetenschappelijke integriteit weer hoog op de agenda. Kijk maar naar de affaire met Diederik Stapel. Dat moet niet mogelijk zijn.
Universitaire politiek is belangrijk. Maar dan wel op een constructieve manier. Dus niet schreeuwerig en populistisch.’

Wat is voor jullie een prioriteit?
‘Meer aandacht dus voor ethiek en wetenschappelijke integriteit in het curriculum van studies.
‘We mikken heel erg op kwalitatief hoogstaand werkgroeponderwijs. Onderwijs in een kleine setting met goede docenten motiveert studenten. Dat geeft goede resultaten.
‘Verder hebben we aandacht voor studenten met een functiebeperking. Die krijgen nog niet altijd de begeleiding die ze nodig hebben.’

Worden studenten te hard aangepakt?
‘Het beleid is wel aan de harde kant. Daar moet iets tegenover staan. En dat is nu te weinig het geval. Het is moeten, moeten, moeten… Daar wordt teveel op gehamerd. Het vraagt nu wel heel veel van een student om nog te besturen of andere bestuurlijke activiteiten naast een studie te doen. Terwijl dat juist zo belangrijk is. We hebben samen met SGL en anderen een notitie geschreven met alternatieven. Studierendement is echt iets anders dan studiesucces. Rendement gaat over cijfers. Succes gaat over persoonlijke ontwikkeling. We blijven er op inzetten dat studenten de mogelijkheid houden om te besturen, stages te lopen of naar het buitenland te gaan. Een niet bindend toelatingsgesprek is een goed idee. Daarnaast is het aanscherpen van studiebegeleiding belangrijk.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘Zeker. We hebben er voor gezorgd dat tijdens tentamenperioden de UB langer open blijft. ‘We waren geen voorstander van een verhoging van het bsa naar 50 punten en de invoering van het bsa in het tweede jaar. Uiteindelijk is dat 90 punten in twee jaar geworden. Daar kunnen we redelijk mee leven omdat de druk uit Den Haag hoog is.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘Een samenwerking biedt kansen. Er gebeurt natuurlijk al best veel. Versterk die verbanden.
Maar vooralsnog is niet duidelijk welke vorm die alliantie krijgt. Het is erg abstract allemaal. Wat is het uiteindelijke doel? Die discussie moeten we in de raad voeren. Ook de nadelen beter bespreken. Het moet ons niet door de strot gedouwd worden. ‘

Is de raad relevant?
‘Het is de plek waar de stem van de student vertegenwoordigd wordt. Zonde dat de opkomst zo laag is.’

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘Als er gedwongen ontslagen dreigen, moet de universiteit een uiterste inspanning doen om medewerkers om te scholen. In ieder geval niet bezuinigen op de kwaliteit van onderwijs. Met achteruitgang van de kwaliteit is niemand gebaat.’

Anne-Marie Leichsenring, lijsttrekker Studenten Groepering Leiden (SGL). Studeert bestuurskunde en rechtsfilosofie.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘Wij vertegenwoordigen vooral de actieve student die het maximale uit zijn studententijd wil halen. Studenten die bij een studie- of studentenvereniging zitten, of graag naar het buitenland willen, of op een hoog niveau sporten. De SGL is de meest professionele studentenpartij. We hebben veel contact met studentenorganisaties binnen maar ook buiten Leiden.’

Wat is voor jullie een prioriteit?
‘Andere partijen hebben het dan vaak over “betere computers, meer wifi of goedkopere broodjes.” Dat vinden wij ook belangrijk maar de SGL wil het breder trekken. We hebben bijvoorbeeld samen met de CSL en verschillende studentenorganisaties een notitie geschreven met daarin alternatieven om het studiesucces te verbeteren. We leggen als partij de nadruk op onderwijs van hoge kwaliteit. We zijn vooral voorstander van werkcolleges. Een goede docent is zo belangrijk. Een student zet zich dan ook meer in. Een wederzijds commitment zorgt voor meer studiesucces.’

Worden studenten te hard aangepakt?
‘Ja. Studiesucces is voor ons niet alleen de studie zelf. Het is bijvoorbeeld ook een commissie doen, of een congres organiseren. Het is ons gelukt het bsa van 50 in het eerste en tweede jaar te voorkomen. Het is nu 90 punten in twee jaar. Maar met de mogelijkheid om in het eerste jaar 60 punten en in het tweede jaar 30 punten te halen. Zo kunnen studenten actief blijven naast hun studie.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘We zien kansen. Het is fantastisch als je makkelijk een minor of een vak kunt volgen in Delft of Rotterdam. Maak gebruik van het beste wat de drie te bieden hebben. Maar een fusie willen we niet.’

Is de raad relevant?
‘Absoluut. Studenten weten precies wat er wel en niet goed gaat. Het is zo belangrijk dat ze een stem hebben.
‘De effectiviteit kan beter. We gaan ook nog vaker overleggen met de faculteitsraadsleden van onze partij om te weten wat er allemaal speelt.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘We hebben er voor gezorgd dat het recht op herkansingen in de Onderwijs en Examenregelingen is behouden. Verder is het Latijn op de bul gered. We zijn vooral heel inhoudelijk en constructief bezig geweest met grote dossiers. We hebben bijvoorbeeld samen met de CSL en verschillende studentenorganisaties een notitie geschreven met daarin alternatieven om het studiesucces te verbeteren.

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘Als bezuinigingen echt niet zijn te voorkomen, dan moeten deze eerlijk over de hele universiteit verdeeld worden.’

Marc Newsome, lijsttrekker Bewust en Progressief (BeP), studeert geschiedenis.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘We hebben geen duidelijk afgebakende doelgroep. Dat maakt ons sterk. We zijn niet christelijk, we zijn er ook niet alleen voor de verenigingsstudenten en leggen ook niet de nadruk op studenten uit het buitenland. Wij vinden duurzaamheid erg belangrijk. De universiteit is door onze inzet overgestapt op groene stroom. Een mooi begin maar het kan nog veel beter.’

Wat is voor jullie een prioriteit?
‘De onderwijskwaliteit mag niet lijden onder bezuinigingen. En de kwaliteit moet eigenlijk omhoog. Er zijn meer studieadviseurs nodig. Drie studieadviseurs bij rechten is bijvoorbeeld veel te weinig. Verder kan er veel beter gebruik worden gemaakt van de mogelijkheden van Blackboard. De faciliteiten schieten ook nog wel eens te kort. Iedereen moet gebruik kunnen maken van het wifi-netwerk. Op bepaalde plekken heb je nu helemaal geen bereik.
‘Onderwijs mag best hervormd worden, maar behoud het unieke van de Leidse opleidingen. Kijk bijvoorbeeld naar de discussie over Frans bij Geesteswetenschappen. Die studie kan best meewerken aan een brede bachelor. Maar de onafhankelijke opleiding Frans moet gewoon blijven.’

Worden studenten te hard aangepakt?
‘Studenten krijgen te weinig terug voor al die harde maatregelen. De langstudeerboete is belachelijk en dan komt de universiteit daar over heen met streng beleid. Dat raakt vooral de studieverenigingen heel hard. Studiesucces kun je ook op een andere manier verbeteren. Zorg er voor dat alle studenten een studieplan kunnen opstellen. Hou met Usis een vinger aan de pols. Een niet bindend intakegesprek voor nieuwe studenten is natuurlijk ook verstandig.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘Dat het onderwijscertificaat voor docenten nu verplicht is, komt door BeP. We hebben ook met de andere partijen een minder scherp bsa weten af te dwingen. Ook hebben we een grote rol gespeeld in het voorkomen van de invoering van compensatietoetsen bij Geesteswetenschappen.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘Een samenwerking is op zich prima, dat gebeurt al op verschillende gebieden. We zijn wel tegen een fusie. De notitie die er nu ligt, is te vaag. Ga voor een toekomstvisie eens langs bij de faculteiten. Mijn indruk is dat de faculteiten vinden dat doelen die het college stelt, niet haalbaar zijn. Ik maak me wel zorgen over de uitbouw van Campus Den Haag. Leiden is de hoofdvestiging.’

Is de raad relevant?
‘Zeker. Het is gewoon knap werk dat de partijen die twee keer 45 punten bsa er uit hebben weten te slepen.’

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘Drie jaar geleden toen de UB heringericht werd, hadden we al commentaar op de dure rode stoelen in de leeszaal. Die kostten duizenden euro’s per stuk, dat kan ook voor 200 euro. Dat soort uitgaven zijn zonde en daar kun je op korten.En plaats overal LED-lampjes en blijf inzetten op groene stroom.’

PERSONEELSPARTIJEN

Maarten Jansen promovendus Latijn, lijsttrekker PhDoc/Universitas.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘Wij zijn er vooral voor jonge medewerkers. Die hebben vaak andere belangen dan personeel dat hier al lang werkt of een vast dienstverband heeft. Wij zijn daarom tegen de status quo, voor Universitair Belang en de AbvaKabo ligt dat vaak anders.
‘Het ontbreekt vaak aan een loopbaanbeleid en er zijn veel medewerkers die geen vaste aanstelling kunnen krijgen. Te vaak krijgen jonge medewerkers tijdelijke contracten die eindeloos verlengd worden.
‘Onze manier van werken is ook anders. Ik ben niet altijd even onder de indruk van de andere personeelspartijen. Ze zijn vaak niet actief en to the point. Ze zetten niet echt door. Bij belangrijke onderwerpen die aan bod komen in de raad zijn leden van de AbvaKabo bijvoorbeeld vaak niet aanwezig.’

Wat is een prioriteit voor jullie?
'We willen graag van het college weten wat de universiteit nu eigenlijke van plan is met jonge medewerkers. Het aantal promoties neemt steeds toe want daar krijgt de universiteit geld voor, maar er is vervolgens dan geen plaats voor deze gepromoveerden. Ik vind dat eigenlijk onethisch.
‘Belangrijk vinden we ook de buitenlandse beurspromovendi. Hoe er met soms met deze groep wordt omgegaan, daar schrik je echt van. Ze hebben geen kantoor, ze krijgen geen kopieerpas en ze staan niet eens op de website. Dat kun je toch niet maken? We gaan deze misstanden eerst goed inventariseren en dan aanpakken.’

Is de raad nog relevant?
‘Ja, maar we zijn te weinig zichtbaar. De medezeggenschap leeft niet voldoende terwijl het zo belangrijk is. De enige macht tegen het bestuur.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘Samenwerken is op zich niet slecht.  Maar zoals het nu gaat, kan het niet. De plannen zijn vaag en niemand weet wat. Als dat niet verbetert en de inspraak onvoldoende blijft, regelen we een referendum. Dan gaan we medewerkers, studenten en de pers mobiliseren.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘Ja, er zijn goede resultaten maar die komen vaak voort uit samenwerking tussen partijen. Ook al willen andere partijen nog wel eens iets claimen. Dat slaat nergens op.
‘Het goed regelen van de medezeggenschap van het Campus Den Haag is een succes. Verder zorgde de raad er voor dat het college op afdoende wijze uitleg gaf over de komst van de nieuwe opleiding International Studies in Den Haag. En het hoofdpijndossier Usis natuurlijk. Daar zijn we samen met de SGL toch regelmatig voor gaan liggen. Daar komen we ook nog op terug.

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘We kunnen wel een aantal bestuurlijke lagen binnen faculteiten afschaffen. Bij Geesteswetenschappen zitten er geloof ik vijf graduate schools, daar zit zoveel management in. Dat zorgt voor frustratie en verspilling.
‘Stop met het steeds weer introduceren van nieuw beleid dat nergens toe leidt. Daar worden mensen gek van.’

Floske Spieksma, universitair docent wiskunde, lijsttrekker Universitair Belang.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘PhDoc/Universitas is er vooral voor het jonge personeel. De AbvaKabo is een vakbond, daar is niets op tegen. Maar wij vinden dat de stem van het personeel gehoord moet worden, en niet dat is niet altijd dezelfde als de stem van de vakbond.

Wat is voor jullie een prioriteit?
‘De kennis en professionaliteit van de medewerkers kan veel beter gebruikt worden. Het ontwikkelen van intakegesprekken wordt uitbesteed aan het ICLON, terwijl er bij FSW genoeg  psychologen zitten die hier heel veel van weten.
‘Ook bij het invoeren van Usis had veel meer gebruik kunnen worden gemaakt van expertise in huis. Het is minachting van de kwaliteiten van medewerkers op de werkvloer.
‘Dat zien we wel meer. Er is bijvoorbeeld niets tegen een basiskwalificatie onderwijs voor beginnende docenten. Maar als je al twintig jaar doceert en dan wordt er gezegd dat je nog wat scholing nodig hebt, raken docenten daar door gepikeerd.
‘Verder loopt de werkdruk de spuigaten uit.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘Fuseren zijn we niet happig op. Grote organisaties hebben de neiging om voor nog meer bureaucratie te zorgen. Ook dreig je zo de eigen identiteit een beetje kwijt te raken. ‘Samenwerking moet vanaf de werkvloer opgezet worden, niet van bovenaf.
‘Ook de praktische problemen worden onderschat. Leiden biedt samen met Delft wiskundeonderwijs aan. Delft voert nu een andere jaarindeling in. Het kost enorm veel tijd om de problemen die dat geeft op te lossen.’

Is de raad relevant?
‘Zeker wel. Het lukt nog wel eens om zaken een beetje bij te buigen.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘We proberen er voor te zorgen dat personeel gewoon hun werk kunnen doen en niet steeds lastig worden gevallen met nieuwe plannen. En soms lukt dat ook. We moeten zien te voorkomen dat medewerkers worden behandeld als onmondige kleine kinderen. Instituten die prima werken, hoef je niet lastig te vallen met twintig toetsplannen.’

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘Ik zou de tweede fase van de nieuwbouw van het bètacomplex er uit gooien. Dat asbest in het Gorlaeus een probleem is, begrijpen we wel. Het Huygens en het Snellius, daar is iedereen tevreden over. Geef dat geld uit aan staf, onderwijs en onderzoek.’

Joost Augusteijn, universitair docent geschiedenis, lijsttrekker AbvaKabo/FNV.

Wat onderscheidt jullie van de andere partijen?
‘Universitair Belang is sterk geworteld in W&N, daar is de partij in ieder geval ontstaan. Mijn indruk is dat ze wat gezagsgetrouwer zijn dan wij. Wij hebben leden verdeeld over de hele universiteit. We hebben een klankboord, dat onderscheidt ons van UB.
‘De indruk bestaat dat de AbvaKabo de neiging heeft om bestaande belangen te beschermen. Dat willen we graag veranderen. We hebben er dan ook voor gekozen om een aantal aio’s op de lijst te zetten.’

Wat is voor jullie een prioriteit?
‘We vinden dat de universiteit zich teveel afkeert van de primaire taken: onderwijs en onderzoek. Het college is teveel bezig met Den Haag, ranglijsten en het imago van de universiteit.
‘Het bestuur moet in dienst staan van de medewerkers. Plannen zijn teveel naar buiten gericht. Zo worden er onrealistische rendementsafspraken met de staatssecretaris gemaakt.
‘Vanuit het bestuur is er ook de neiging om steeds meer regels op te leggen. De eigen verantwoordelijkheid van medewerkers wordt ingeperkt, dat zorgt voor stress en onvrede. Men heeft geen controle meer over eigen werk. Dat frustreert.’

Voorstander van de strategische alliantie met Delft en Rotterdam?
‘Een fusie is onzinnig. Praktische samenwerking op bepaalde terreinen, daar is niets op tegen. Maar bijvoorbeeld van twee opleidingen een maken, heeft geen enkel nut. 
‘Er is bij de colleges een gevoel van: “Samen sta je sterker.” Maar je kunt natuurlijk niet de drie reputaties bij elkaar optellen. Werk samen als er een duidelijke meerwaarde is.’

Is de raad relevant?
‘Zeker wel, maar de zichtbaarheid is heel slecht. Je kunt de raad nauwelijks op de universiteitssite vinden. De medezeggenschap draagt niet uit wat zij doet. Een bestuur wil geen beleid doorvoeren waar de raad niet achter staat, dus je hebt macht. Je kunt dingen veranderen.‘De raad kan zich wel wat robuuster en kritischer opstellen tegen het college.’

Heeft de partij successen geboekt?
‘Er zijn een aantal reorganisaties geweest die de AbvaKabo heeft weten terug te schalen, waardoor medewerkers een zekere bescherming van ontslag kregen.’

Als het dan toch moet, waar bezuinigen jullie dan op?
‘Dat is helder. Niet bezuinigen op onderzoek en onderwijs en het personeel dat dat ondersteund. Er wordt heel veel aan communicatie en pr gedaan. Ik wil natuurlijk niet dat er iemand wordt ontslagen. Maar kunnen deze medewerkers niet wat anders doen?
‘Ook in al die regelgeving gaat veel werk zitten.’

STEMMEN DOE JE ZO

De universiteitsraad is het hoogste medezeggenschapsorgaan binnen de universiteit. De raad adviseert het college van bestuur en heeft op bepaalde zaken instemmingsrecht. De raad heeft een onafhankelijke voorzitter. In de raad zijn studenten en medewerkers vertegenwoordigd. Beide hebben acht zetels. De personeelsleden zitten twee jaar, de studenten een jaar.
Ook zijn er verkiezingen voor de studenten van de faculteitsraden en de studentenraad van het LUMC. Stemmen kan nog tot dinsdag 15 mei 16:00 uur. De uitslag wordt op dinsdag 22 mei om 17:00 uur in de centrale hal van Rap 70 (Oude UB) bekend gemaakt.
Stemmen doe je hier.

Deel dit bericht: