COLUMN ARNOUT JASPERS - MARE 23, 7 maart 2002

Gevraagd: academici D30

In dit land is al twee jaar lang een medische operatie aan de gang waaraan het welbekende sprookje over de nieuwe kleren van de keizer niet kan tippen. Volksgezondheid doet er aan mee, het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) doet mee, mooier nog: u mag zelf ook meedoen.
Twee weken geleden publiceerde het CBG namelijk een advertentie waarin het vraagt om ‘Academici die affiniteit hebben met de registratie van homeopathische en kruidengeneesmiddelen’. Die registratie was in december weer in het nieuws omdat de fabrikanten opnieuw uitstel eisten. Ongeregistreerde homeopathische ‘geneesmiddelen’ mogen vanaf 1 januari 2002 namelijk niet meer verkocht worden en het leeuwendeel is nog steeds niet binnenboord.
Begin 1999, toen minister Borst met haar plan voor ‘kwaliteitscontrole’ kwam leverde dat verheugde reacties op, niet het minst bij ‘bona fide’ fabrikanten: eindelijk deed de overheid eens wat aan het gebeunhaas in de sector. Het geklaag nu, na bijna drie jaar voorbereidingstijd, wekt de indruk dat het CBG de lat toch wel erg hoog legt.
Trek echter niet te snel uw conclusie, maar lees eerst verder: u dient namelijk niet slechts ‘affiniteit’ met de sector te hebben, maar ook te kunnen ‘omgaan met het spanningsveld tussen enerzijds de specifieke eigenschappen van homeopathische en fytotherapeutische producten en anderzijds de farmaceutisch-wetenschappelijke wijze van beoordeling welke het College hanteert.’
Wat dat betekent, heb ik destijds nagevraagd bij degene die ook over uw sollicitatie zal beslissen, het hoofd van de afdeling Homeopathica van het CBG. Deze gaf toe dat de registratie een louter papieren zaak is, gebaseerd op zelfrapportage. Aan die ‘kwaliteitscontrole’ komt dus geen visite of test te pas. Chemische of biologische tests zijn sowieso zinloos aangezien de veronderstelde werkzame stoffen niet meer in meetbare concentraties in het middel voorkomen. De overheid laat dus wijselijk na om enige honderden 'verschillende' soorten gedestilleerd water te analyseren, maar neemt genoegen met een beschrijving hoe de fabrikant z’n ‘oertinctuur’ heeft verdund totdat die niet meer aan te tonen is (in feite is vaak geen enkel molecuul van de tinctuur nog in het middel aanwezig).
Het Hoofd beaamde desgevraagd dat een fabrikant die weet hoe hij de papierwinkel moet afhandelen, voor z’n oertinctuur net zo makkelijk paardenmest of lekwater uit de reactor van Tsjernobyl kan gebruiken als bloemblaadjes; er is toch niemand die achteraf het verschil kan aantonen.
Zelfs als je gelooft dat homeopathie op magische, niet aan de materie gebonden manier geneest maakt dat de procedure tamelijk zinloos. Kwaliteitscontrole, ook voor de homeosympathen, zou zich dan moeten concentreren op de klinische werking: doet het iets met de patiënt, en zo ja, wat?
Dit nu speelt geen enkele rol. De producent wordt niet gevraagd naar bewijs, hoe anekdotisch of voorlopig ook, dat het ‘geneesmiddel’ doet wat het in de huis-aan-huisblaadjes belooft. Dit is zo in strijd met het gezond verstand, dat werkelijk iedere leek die ik over dit onderwerp spreek, blijkt te geloven dat ‘registratie’ van een homeopathisch middel ‘bewijs van werkzaamheid’ inhoudt.
Academici die zich in een dergelijk ‘spanningsveld’ als een vis in het water voelen, hoeven voor hun toekomst voorwaar niet te vrezen. Uit de advertentie leren we namelijk ook: ‘Door de zich verder ontwikkelende Europese regelgeving is het veld voor deze productgroepen volop in beweging.’
Dat klinkt me als Celestijnse muziek in de oren. Ik wil namelijk al jaren het slaapmiddel Koffie D 30 op de markt brengen. Oertinctuur van gegarandeerde zuiverheid en kwaliteit - Max Havelaar! - is alom beschikbaar, en als je die 30 maal tienvoudig verdunt met water en tussendoor krachtig schudt, verkeert het opwekkend effect van de koffieboon conform het simila-principe in z’n tegendeel. Registratie van Koffie D 30 leek dus slechts een formaliteit, maar wat denkt u dat dat Hoofd Homeopathica tegen me zegt: ‘Een aanvraag voor een compleet nieuw middel? Dat zijn we nog nooit tegengekomen. Ik weet niet of zoiets in aanmerking komt voor goedkeuring.’ Dankzij Europa krijg ik vast een nieuwe kans.

Arnout Jaspers